h

Schrap de verhuurdersheffing (Opinie)

12 november 2018

Schrap de verhuurdersheffing (Opinie)

Foto: SP

De economische crisis van 2008 ligt inmiddels achter ons. Nu dient zich een nieuwe crisis aan, die zeker grote steden als Amsterdam hard raakt: een huizencrisis. Maatregelen die bedacht zijn om de vorige crisis te beteugelen, vergroten nu juist de nieuwe crisis. Tijd om daar snel een einde aan te maken, schrijven de Amsterdamse wethouder Wonen Laurens Ivens, de Amsterdamse woningcorporaties en de huurderskoepels.

Deze opinie verscheen op 12 november in Het Parool.

Ruim zes jaar geleden verkeerde de Nederlandse economie nog volop in de zwaarste economische crisis in decennia. In een tijd waarin de belastingopbrengsten tegenvielen terwijl de uitgaven voor bijvoorbeeld uitkeringen juist stegen, werd in Den Haag de verhuurderheffing ingevoerd. Als onderdeel van een groot pakket aan crisismaatregelen, steunde een brede coalitie een extra belasting op sociale huurwoningen. Het idee was dat er bij woningcorporaties nog wel wat te halen viel, en dat daarmee de tekorten op de rijksbegroting konden worden aangevuld.

Sindsdien betalen verhuurders van sociale huurwoningen een percentage van de marktwaarde van hun huizen als belasting aan Den Haag. In het eerste jaar bracht de verhuurderheffing krap 50 miljoen op. Inmiddels is dat opgelopen naar 1,7 miljard euro per jaar en naar verwachting zal de opbrengst aangevuld met extra belastingmaatregelen voor corporaties verder stijgen tot 3 miljard in 2021. En ook al is er - gelukkig - een maximum ingesteld op hoe zwaar de marktwaarde van een sociale huurwoning belast wordt, toch is de impact het grootst in steden waar de huizenprijzen door woningnood het hoogst zijn en waar het meeste geld nodig is om te investeren in nieuwe en betere woningen.  Zo betalen Amsterdamse corporaties hier per sociale huurwoning bijna de helft meer verhuurderheffing dan het Nederlandse gemiddelde.

Sinds 2012 is er in Nederland, maar zeker ook in Amsterdam, veel veranderd. Waar Den Haag eerder geld tekort had en meende dat bij woningcorporaties het geld tegen de plinten klotste, is de situatie nu precies andersom. Den Haag scoort het ene na het andere begrotingsoverschot, terwijl de huizenmarkt schreeuwt om investeringen voor duizenden nieuwe betaalbare en duurzame huizen.

Zeker in de grote steden heerst woningnood, maar uitgerekend daar hebben corporaties door de verhuurderheffing steeds minder geld voor nieuwbouw. Dat is een enorm probleem voor de sociale huurder in Amsterdam, voor wie de wachttijd blijft toenemen tot een niet uitlegbare termijn van zo’n 14 jaar. Maar ook mensen met een middeninkomen hebben hier last van. In Amsterdam kunnen huishoudens met een inkomen tot 60.000 euro niet zelfstandig meer aan een woning komen. Door de exorbitante prijsstijgingen van huur- en koophuizen voorziet de markt daar niet meer in. Dat treft ongeveer driekwart van de Amsterdamse huishoudens.  Door nieuwe corporatiewoningen te bouwen, ontstaat in de bestaande woningvoorraad ruimte om middeninkomens te huisvesten. Denk aan de onderwijzer, verpleger, crecheleider en de bouwvakker die we zo hard nodig hebben in Amsterdam.

En niet alleen voor de nieuwbouw hebben corporaties geld nodig. Ook de bestaande bouw schreeuwt om investeringen. Nu we steeds meer van klimaatverandering gaan merken, moeten we snel huizen te gaan isoleren om de uitstoot van broeikasgassen te beperken. De almaar stijgende verhuurderheffing maakt de ambitie  om de tienduizenden veelal oudere, slecht geïsoleerde woningen in onze stad te verduurzamen steeds moeilijker te realiseren.

Vorige week hield minister Ollongren, verantwoordelijk voor het Haagse woonbeleid, een toespraak op een bijeenkomst in het kader van de Dag van de stad. Ze zei daar te gaan bekijken of de investeringsruimte van corporaties nog wel goed verdeeld is over Nederland. Het is bemoedigend dat de minister een opening biedt om te praten over de kwestie die zich nu opdringt: nemen we de crisismaatregel van de verhuurderheffing op de schop zodat we én betaalbare huizen kunnen blijven bijbouwen in gebieden waar dat hard nodig is én bestaande woningen kunnen verduurzamen? Of laten we de belasting almaar oplopen richting 3 miljard in 2021 en accepteren we dat de nieuwbouw en verduurzaming sterk gaan afremmen? Wij rekenen op de minister voor een verstandige en hoognodige beslissing hierover.

Laurens Ivens (SP), wethouder wonen Amsterdam
Eddo Rats, directeur De Alliantie
Huurdersbelangenvereniging De Alliantie
Bert Halm, directeur Eigen Haard
Huurdersvereniging HBO Argus
Leon Bobbe, directeur De Key
Huurdersvereniging Arcade
Hester van Buren, directeur Rochdale
Bewonersraad Rochdale
Marien de Langen, directeur Stadgenoot
Huurderskoepel Huurgenoot
Karin Laglas, directeur Ymere
Huurders Ymere Amsterdam (HYA)

Zie ook:

U bent hier